Jij en je angst

Hsp’s* kampen door hun aard vaker en heftiger met angsten. Dat heeft vooral te maken met het feit dat overprikkeling leidt tot grote kans op angstige gevoelens en hsp’s zijn nu eenmaal vaker en erger overprikkeld.

Angst speelt een belangrijke rol in ons dagelijks leven, van alle mensen. Veel kleine en grote beslissingen nemen we deels op basis van angst. Bijvoorbeeld angst voor wat andere mensen ervan zouden vinden of angst iets fout te doen. Dit gebeurt meestal onbewust maar is daarom niet minder ingrijpend. Angst is echter een slechte raadgever bij het nemen van beslissingen. Angst belemmert je denken zodat je geen zuivere beslissingen kunt nemen. Angst zet vaak aan tot impulsief beslissen of vermijden van dingen.
Angst en overprikkeling hangen met elkaar samen. Daardoor overkomt hsp’s* het vaker dat zij last hebben van angst. Sommigen lijden erg onder kun angstigheid. Ze schamen zich ervoor en proberen het te compenseren door flink te zijn. Hoe zit dat bij jou? Heb je misschien veelvuldig de boodschap gekregen dat je bangelijk bent, een schijtluis of angsthaas? Dit draagt natuurlijk niet bij aan je eigenwaarde en versterkt de angstigheid.

Wat is angst?
Angst is een normale menselijke emotie. Angst is ook nuttig, het is de manier waarop je mogelijke gevaren gewaarwordt en is bedoeld als beschermingsmechanisme. Een manier om te leren wat veilig is en wat niet. Bedreigende ervaringen worden in je hersenen opgeslagen in de amygdala, het geheugen voor emoties. Zo leer je dat gevaar voortaan uit de weg te blijven. Hoe ernstiger het gevaar is, hoe heftiger de amygdala reageert. Ook voor de volgende keer in een vergelijkbare situatie. Het systeem bereidt je lichamelijk en geestelijk voor op vluchten, vechten of jezelf zo onzichtbaar mogelijk maken. Vandaar ook al die fysieke reacties als gevolg van het feit dat de adrenaline door je lichaam giert. Je reageert zeer snel op potentieel bedreigende situaties, nog voor je cortex reageert ofwel ruim voordat je je bewust bent van gevaar.

Dit systeem behoedt je voor gevaarlijke situaties. Het een zeer effectieve manier om gevaar uit de weg te gaan. Ben je eens (bijna) door een auto aangereden met oversteken, dan kijk je voortaan vanzelf extra goed uit. De rest van je leven. Erg nuttig dus. Het werkt op een vergelijkbare manier in sociale situaties. Bij afwijzing of verraad bijvoorbeeld. Ben je eens door iemand pijnlijk afgewezen, dan vergeet je dat niet snel. Helaas is het niet zo’n heel nauwkeurig systeem. Ook situaties die helemaal geen reëel gevaar geven maar alleen maar lijken op oud gevaar, triggeren ook de alarmbellen met alle bijbehorende lichamelijke reacties. Feitelijk is het dan oude angst die je bang maakt. Je hebt bijvoorbeeld direct het gevoel dat iemand je afwijst terwijl het om een onschuldige opmerking gaat. Het kan zelfs zijn dat zulke irreële angsten een eigen leven gaan leiden en zo tegen je keren. Je wordt bijvoorbeeld bang voor alle mensen en vermijdt dan maar iedereen zodat ze je ook niet kunnen afwijzen.

Angsten die met sociale situaties samenhangen, kunnen diep gaan. Je hebt diepe angsten als faalangst (niet goed genoeg zijn), verlatingsangst, angst voor afwijzing, bindingsangst etc. Dit soort angsten zijn vaak ontstaan in je vroege jeugd. Zijn er toen dingen misgegaan of zijn je traumatische dingen overkomen, dan kun je veel last hebben van dit soort oude angst. De gevaren zijn a.h.w. diep ingesleten in je amygdala en komen bij het minste of geringste heftig omhoog. Iedereen heeft wel dergelijke angsten die af en toe opspelen en het is een grote bron van interne prikkels en kosten dus veel energie.

Angst slaat toe
Angst begint in je hersenen als een situatie wordt herkend als dreiging of risico. Of iets maakt je bijvoorbeeld aan het schrikken. Je amygdala slaat alarm, je lichaam reageert fysiek en schiet “in de stress”. De adrenaline giert door je lijf, je staat klaar om te vluchten of te vechten of je bevriest. Getunneld denken, gespannen spieren, een oppervlakkige ademhaling (niet zelden leidt dat tot hyperventilatie), zweten, koude handen en/of voeten, buikpijn en het beklemde gevoel van de angst die om je hart slaat. Je voelt je super kwetsbaar en rot, je wilt zo snel mogelijk weg van dat gevoel en dus van het gevaar.

Als de angst je helemaal overspoelt en je de controle over jezelf en je gedachten kwijt raakt, dan ben je in paniek. In paniek raken en zijn, voelt heel bedreigend omdat controle verliezen een ingrijpende ervaring is. En die heftige ervaring wordt ook weer opgeslagen in je amygdala voor een volgende keer. Wat je doet en hoe je reageert in paniek verschilt per persoon. Sommigen reageren vooral heel fysiek, gaan bijvoorbeeld hyperventileren of krijgen een benauwd gevoel op de borst en denken dat hun laatste uur geslagen heeft. Die angst wordt dan dus gelijk ook een doodsangst en laat dus ook weer diepe sporen na. Anderen bevriezen totaal en kunnen niet meer nadenken of geen woord meer uitbrengen, en weer anderen worden juist (verbaal) agressief. In paniek raken jaagt ook weer angst aan en zo verergert de paniek.
Je hoofd voegt er niet zelden ook nog extra angstige gedachten aan toe, bijvoorbeeld door extra risico’s of herinneringen aan vroegere en vergelijkbare situaties (vooral die waar het misgaat) naar boven te halen. De meest vreselijke scenario’s passeren je gedachten. De beren op de weg die je ineens zeer helder voor ogen ziet, zijn 10 keer zo groot geworden.

Angst en overprikkeling
Angst gaat gepaard met intense overprikkeling. Angst geeft veel overprikkeling maar het werkt ook andersom: Je bent sneller angstig, onzeker of paniekerig als je al overprikkeld bent. Omdat je systeem al op scherp staat hoeft er minder te gebeuren voor angst geactiveerd wordt. Hsp’s hebben meer last van overprikkeling en zijn dus ook vatbaarder voor angst.

Voorkomen dat je te erg overprikkeld raakt en chronische overprikkeling aanpakken, is een belangrijke stap in het aanpakken van angst en paniek. Daarnaast moet je proberen de angstige gedachten die opkomen niet te volgen. Het heeft namelijk helemaal geen zin. In een angsttoestand produceert je hoofd voornamelijk gedachten die de overprikkeling en dus de angst verergeren. Je kunt niet objectief denken op dat moment. De neiging tot reflecteren van hsp’s is op zulke momenten dus eigenlijk onhandig.

Paniekaanval
Paniekaanvallen zijn terugkerende episodes van extreme angst die meestal samenhangen met een bepaalde situatie of plaats. Omdat het zulke heftige ervaringen zijn, zoek je naar verbanden en ga je vermijden. Niet zelden begint het min of meer toevallig. Begon je een keer te hyperventileren toen je op straat liep omdat je schrok van iets, dan kan zijn dat in je amygdala het lopen op straat als gevaarlijk is opgeslagen. De volgende keer loop je dan al minder rustig op straat. Gebeurt er dan nog een keer iets, dan kan het zo zijn dat je gewoon niet meer de straat op durft. En dan is een fobie geboren. Mensen die last hebben van paniekaanvallen, zijn vaak veel bezig met het feit dat de mogelijkheid bestaat dat er weer een aanval komt. Ze zijn dus min of meer continu bang voor een aanval, dus bang voor de paniek. Vermijden uit angst werkt averechts. Begrijpelijk, maar het betekent wel dat ze zo dus zelf een volgende aanval binnen handbereik houden. Dit patroon moet je juist zien te doorbreken. In kleine stapjes weer die enge dingen doen en de succeservaringen die je daarbij opdoet, moeten de aangeleerde angstreflex weer doen vervagen.

Angst- en paniekstoornis
Aanvallen van angst die je even verlammen of paniekerige gedachten in extreme situaties, horen bij het leven. Het komt iedereen regelmatig al lijkt het soms of jij de enige bent. Als je echter beheerst gaat worden door je angsten en paniekaanvallen en ze het normaal functioneren in de weg staan omdat je bijvoorbeeld personen, plaatsen en situaties gaat vermijden of dwangmatige handelingen gaat doen om je angst te beteugelen, dan is er sprake van een angststoornis. Bij een angststoornis ben je bang voor irreële dingen en ben je niet meer in staat de controle hierover te houden. Door vermijden of dwangmatige handelingen probeer je de controle te houden of te krijgen maar dat werkt op de lange duur niet. Het gaat je volkomen beheersen. Dingen waar je vroeger niet eens bij stilstond, kun je nu niet meer uit je hoofd zetten. Een angststoornis leidt weer tot chronische overprikkeling. Heb je ook last van paniekaanvallen, dan noemt men het een angst- en paniekstoornis.

Een angststoornis ontstaat bij hsp’s vaak in een periode waarin zij chronisch overprikkeld zijn. Hun zenuwstelsel is a.h.w. uitgeput en slaat op tilt. De angst zorgt voor nog meer overprikkeling en een neerwaardse spiraal is ingezet. Op een gegeven moment word je gefrustreerd en voel je je hopeloos of je wordt gewoon bang voor je eigen angsten. Vooral het feit dat je de controle kwijt raakt en wordt overspoeld door de enorm overprikkelende ervaring van paniek, is erg beangstigend. Bij een angststoornis moet je hulp zoeken. Met medicatie kan de cyclus van angst en meer angst doorbroken worden en met therapie kun je leren je angsten aan te gaan, gaan bekijken waar de angsten vandaan komen en andere strategieën leren om ermee om te gaan. Vaak hebben angsten te maken met opgekropte en overwerkte traumatische ervaringen.

Is het nog niet zo erg maar heb je wel veel last van je angsten, lees eens een boek over angsten. Als je begrijpt wat er met je gebeurt en hoe het met eerdere ervaringen samenhangt, krijgt angst je misschien minder in zijn greep.

Wat kun je er zelf aan doen?
Je chronische overprikkeling aanpakken is de eerste stap. Veel angsten zullen dan vanzelf minder erg worden. Zorg verder goed voor jezelf. Als je beter in je vel zit, dus sterker bent in jezelf, niet te moe bent en goed in balans, is er minder voedingsbodem voor angst. Als je beter in je vel zit, ben je namelijk minder snel en minder intens overprikkeld en zul je dus ook minder snel en minder intens angstig worden. En negatieve gedachten krijgen je minder makkelijk in hun greep, dus je zakt ook minder diep in de angst. Een positief zelfbeeld, zelfvertrouwen, een optimistische stemming en vertrouwen in je copingstrategie wb. angst, zullen je vanzelf veel minder angstig maken. Voor veel hsp’s zal het een opluchting zijn te weten dat het bij hen hoort en dat er manieren zijn om ermee om te gaan.

Ga plaatsen en situaties die je bang maken niet al te erg vermijden. Vermijden van reële situaties die bedreigend zijn is uiteraard juist goed, maar niet de dingen waarvoor het niet nodig is om bang te zijn. Vermijden maakt het alleen maar erger, want je moet steeds meer gaan vermijden om je veilig te voelen. Keer juist terug en ervaar dat het niet zo erg was als je dacht. Dat het ook anders kan. Hoe langer je vermijdt, hoe moeilijker het wordt. Sta dus jezelf niet toe eraan te beginnen. Als je al wel vermijdt, probeer dan in stapjes de dingen weer te gaan opzoeken. Het gevoel van overwinning die dat geeft, zal je de kracht geven om door te gaan. Maak de stapjes zo klein dat het niet mis kan gaan. Bedenk dat het op de succeservaringen gaat!

Verder maakt het ook uit hoe je naar je eigen angsten kijkt. Je moet er niet bang voor zijn, ze horen bij jou. Ga het niet uit de weg. Je kunt niet voorkomen dat je bang wordt, maar je kunt wel de piek minder hoog laten oplopen. Om te beginnen door niet mee te gaan in de negatieve gedachten die opkomen als je bang bent. Je niet bang laten maken door die gedachten. Realiseer je dat die je juist banger maken. Je zult zien dat als je er minder aandacht aan besteedt en blijft bij wat er gebeurt op het moment dat je bang werd, de golf van angst vanzelf weer afneemt. Neem je voor niet meer te proberen op zulke momenten oplossingen te verzinnen of besluiten te nemen. Probeer wel achteraf kritisch te kijken wat precies je angst triggerde en of er angsten van vroeger meespeelden. Op een gegeven moment zul je al tijdens de angstaanval kunnen zien dat het niet reëel is.

Heftige angst kan een teken zijn van van diepere problemen. Het is dan een soort afweermechanisme voor emotionele pijn die te erg is om te voelen. Bijvoorbeeld verlatingsangst. Waarschijnlijk heb je in je vroege jeugd ervaringen gehad dat je bent verlaten. Die pijn, is de pijn van een kind dat door zijn ouders niet de emotionele veiligheid kreeg die het nodig had. Het kan de moeite lonen om dit eens uit te zoeken met een psycholoog.

Wil jij je angsten de baas worden, lees dan verder.

*hsp: Hoog Senstief Persoon