Ben jij zuinig?

Geef op elke stelling aan hoe vaak je je zo voelt of doet:  Altijd,  geregeld, soms, nooit.

  • Je voelt je uitgeput en leeg, of opgefokt en boos, na interacties met andere mensen.
  • Je stemming is afhankelijk van je omgeving en wat er op je pad komt.
  • Als het niet goed met je gaat of er dingen fout gaan, ligt dat meestal niet aan jou.
  • Je hebt het gevoel geleefd te worden.
  • Je negeert lichamelijke signalen (vermoeidheid, emoties, hoofdpijn, honger, kou, spanning).
  • Je voelt je op je gemak als je “jezelf opoffert”.
  • Je bent met je gedachten bezig met dingen uit het verleden.
  • Als je iets doet, doe je je uiterste best het zo goed mogelijk te doen.
  • Je hecht veel waarde aan wat je kan en het oordeel wat anderen hebben over jouw vaardigheden bepalen hoe je jezelf waardeert.
  • Je wilt jezelf graag bewijzen en je bent verontwaardigd als je geen waardering krijgt voor je inzet.
  • Je past je aan aan wensen van anderen omdat je bang bent voor het eventuele conflict of om afgewezen te worden.
  • Je neemt verantwoordelijkheid voor andermans welzijn, zelfs ongevraagd.
  • Je piekert over de toekomst.
  • Je vraagt geen hulp op momenten waarop je het eigenlijk echt nodig hebt.
  • Je doet weinig om jezelf te ontwikkelen en te leren van kritiek, je staat niet open voor nieuwe dingen en inzichten met het argument: “zo ben ik nu eenmaal”.
  • Je vindt je gevoeligheid een lastige en vervelende eigenschap.
  • Aan het eind van de dag voel je je erg moe.
  • Je luistert naar je ego, zelfs als je je daarvoor in allerlei bochten moet wringen en smoesjes moet verzinnen, in plaats van je ongelijk te bekennen.
  • Je neemt veel hooi op je vork, stelt hoge eisen aan jezelf, en komt niet voor jezelf op.

 

Uitslag:

Onderstaande uitslag geeft slechts een indicatie van je energiebeheer. Soms kan 1 enkele bron van energieverlies je parten spelen terwijl anderen zich er prima bij kunnen voelen. De ene heeft nu eenmaal meer energie dan de andere. Belangrijk is dan ook of jij bepaalde situaties als een belemmering ervaart. Aan de vragen zie je al dat energie ook gaat zitten in dingen die met je gedachten en je instelling te maken hebben.

Zuinig:
Heb je meestal nooit en soms geantwoord, dan ben je zuinig op je energie. Je verspilt weinig mentale energie. Je erkent en herkent je eigen behoeften en grenzen en je probeert er zuinig mee om te gaan. Je valkuil is dat je te “gierig” bent, om plezierig te kunnen samenwerken en -leven. moet je nu eenmaal ook (energie) kunnen en willen investeren.

Bewust:
Heb je meestal soms, met een enkele geregeld of nooit, dan ben je aardig in balans. Je verkwist niet onnodig energie aan irreële gedachtenkronkels, gevechten met anderen of met jezelf. Je stelt reële eisen aan jezelf. Je weet goed voor jezelf te zorgen waardoor je voldoende energie over hebt om op zijn tijd anderen te helpen of om nieuwe dingen te doen.

Verspillend:
Heb je vaak altijd en geregeld, dan verlies je onnodig energie. Je belast jezelf teveel wat onherroepelijk tot spanningen leidt en je bovendien uitput. Je spendeert veel energie aan mentale denkprocessen en/of het overwinnen van weerstand in jezelf. Daarnaast geef je waarschijnlijk veel energie weg aan anderen omdat je je zelfwaardering afhankelijk maakt van anderen. Ga eens bewuster om met situaties uit bovenstaand lijstje en probeer het eens uit om de dingen anders aan te pakken. Door meer bij jezelf te blijven.