Hoog sensitief kind

Ook 10-20% van de kinderen is hoog sensitief maar zij zijn geen mini-versies van hoog sensitieve volwassenen. Ze reageren en denken als kind en je moet ze ook als kind blijven benaderen. Als kind zijn zij wel al “anders” en worden dan “hoog sensitieve kinderen (hsk’s)”, “open”, “hooggevoelig”, “overggevoelig” , intuïtief, of ook wel “nieuwetijdskinderen” genoemd.

Intense beleving
Hoog sensitieve kinderen beleven alles wat er om hen heen gebeurt intenser dan andere kinderen. Ze schrikken sneller, zijn sneller geïrriteerd en kunnen zich extreem druk maken over details die een ander niet eens opmerkt. Ze winden zich bv. op als iets niet precies gaat zoals het hoort te gaan en hebben soms hele rituelen die afgewerkt moeten worden. Hsk’s* proberen op die manier grip te krijgen op de wereld die hen overweldigt. Ze hebben meestal een diep gevoelsleven voor hun leeftijd, zijn zich scherper bewust van emoties en gevoelens van anderen, kunnen op jonge leeftijd denken over levensvragen en hebben vaak een sterke fantasie. Algemeen kun je zeggen dat hsk’s hierdoor sneller en heftiger overprikkeld raken door alles wat er op hen af komt, thuis of elders. Kinderen reageren verschillend op overprikkeld zijn. Sommige reageren heftig emotioneel, theatraal of agressief. Anderen klappen totaal dicht en kunnen niets meer (verlegen, geremd). Weer anderen lijken juist continu de overprikkeling op zoeken waardoor ze slordig, rusteloos en chaotisch worden. Hsk’s zijn wel sneller angstig. Vooral als zij overprikkeld zijn, kunnen ze volledig blokkeren of zelfs paniekerig worden. Vooral als ze schrikken. Echter, als het kind voldoende grip op de “enge” situatie heeft of zich gesteund weet door de omgeving, verdwijnen hun angsten meestal.

Concentratie
Alle hsk’s* hebben een probleem met aandacht. Ze zijn snel afgeleid. Doordat ze heel veel dingen opmerken, is het moeilijk kiezen wat hun aandacht krijgt. Hsk’s zijn vaak in gedachten met zoveel dingen tegelijk bezig waardoor hetgeen ze aan het doen zijn, niet af komt. Het is echter niet altijd het geval, ze kunnen op andere momenten juist extreem geconcentreerd met iets bezig zijn. Ze hebben dan ook geen concentratiestoornis maar alleen veel moeite de aandacht te verdelen en daarbij prioriteiten te stellen. Ze hebben daardoor een (te) laag werktempo op school of worden (te) dromerig genoemd. Hsk’s hebben meestal een rijke fantasie waarin ze helemaal kunnen opgaan, ze zijn a.h.w. snel ook afgeleid door hun innerlijke wereld. In hoeverre een kind kan leren onder druk te presteren, sneller door te werken of iets te doen wat niet hun interesse heeft, hangt ook samen met andere karaktereigenschappen zoals het doorzettingsvermogen.

Geen stoornis!
Hoog sensitieve kinderen groeien op in een maatschappij waarin hoge eisen aan hen worden gesteld. Op jonge leeftijd moeten zij allerlei testen ondergaan en wordt er heel precies bijgehouden hoe het zich ontwikkelt. Zodra een kind niet aan het “normale” beeld voldoet, en dit geldt meestal voor hsk’s*, loopt het het gevaar onterecht een (negatief) label opgeprikt (bv. leerstoornissen, ad(h)d) te krijgen. Echter, hoog sensitiviteit is geen afwijking, daarvoor worden er veel te veel mensen met de eigenschap geboren. Hoog sensitieve kinderen (hsk’s) zijn NIET in beginsel “verlegen”, “niet-sociale”, “niet-aanstuurbare”, “bangelijk“, of “geremde” kinderen en hebben ook geen ad(h)d. Ze kunnen wel gedrag vertonen wat lijkt op een stoornis, maar nooit doorlopend en alleen als zij overprikkeld zijn.

Karakter
Hoogsensitieve kinderen hebben onderling uiteraard ook veel verschillen. Andere karaktereigenschappen, het temperament en eerdere ervaringen spelen ook een belangrijke rol. Het ene kind wordt teruggetrokken en durft weinig, het andere kind lijkt verslaafd te raken aan overprikkeling. Vooral ervaringen die sensitieve kinderen hebben waarbij ze overprikkeld waren, maken veel indruk, en zijn daarom zeer vormend in de ontwikkeling van hun karakter en zelfbeeld. Als dit voornamelijk negatieve ervaringen zijn, dreigt de balans bij deze kinderen vaak door te slaan naar de negatieve kant en worden zij bv. angstig of geremd. Daarbij hebben ze ook nog de natuurlijke neiging erg kritisch te zijn ten opzichte van zichzelf wat de eigenwaarde niet ten goede komt. Als gevolg hiervan hebben ze vaker een negatief zelfbeeld. Zeker in vergelijking van hun leeftijdsgenootjes, die zichzelf gemiddeld juist overschatten.

Jongens en meisjes
Er zijn evenveel jongens hoog sensitief als meisjes. Wel uiten jongens overprikkeling vaker door middel van agressief gedrag en meisjes huilen vaker of vertonen extreem aanpassingsgedrag. Huilen is voor hoog sensitieve jongens echter weer veel moeilijker, omdat ze dan in de ogen van andere kinderen als watjes worden bestempeld. Jongens hebben van nature meer energie en zijn daardoor minder snel door hun energie heen. Ook culturele aspecten spelen een rol. In onze westerse maatschappij wordt gevoeligheid vaker als zwak beschouwd, vooral bij jongens. Waarschijnlijk komt het daardoor dat hooggevoelige jongens op school nogal eens gepest worden.

Erfelijk
Tenslotte, sensitiviteit is voor een belangrijk deel erfelijk. Ben je zelf hoog sensitief, dan is de kans groot dat je kinderen het ook zijn. En andersom, als je kind hoog sensitief blijkt, ben jij of je partner het mogelijk ook. En vaak heb je tussen (groot) ouders, ooms en tantes ook sensitieve personen. Het is daarom dus ook geen nieuw verschijnsel, het krijgt alleen tegenwoordig een naam.

*hsk: Hoog Sensitief Kind.